Elgin is een koeltevallei in de Western Cape, zo'n vijfenzeventig kilometer ten zuidoosten van Kaapstad, ingesloten tussen de Hottentots-Holland-bergen en de Zuid-Atlantische Oceaan. Pas vanaf de late jaren tachtig werd hier serieus aan wijnbouw begonnen — daarvoor was Elgin vooral fruit- en appelteeltgebied. De combinatie van hoogte (250 tot 600 meter, met meso-klimaten daarboven), de zuidenwind die over de bergen heen koel oceaanwater meebrengt en ochtendmist op de wijngaarden zorgt voor trage rijping en een herkenbaar koel-klimaat-profiel: meer aromatische precisie, minder tropische zwaarte.
De bodemvariatie in Elgin loopt van grind en klei tot gewitterde shale en — op Tokara's Highlands-farm specifiek — Tafelberg-zandsteen. Die zandsteen drukt zijn signatuur op de wijn: een ethereïsche, licht zoutige toets die wijnschrijvers vaak terugbrengen op de combinatie van armere zandsteen-bodem en de Atlantische nabijheid (zeven kilometer hemelsbreed).
Koel-klimaat-Sauvignon Blanc gedraagt zich anders dan zijn warmere broeders: minder tropisch passievruchten- of guavefruit, juist meer groene appel, citrus en kruidige toetsen zoals cassisblad of lemongrass. Het meest typerende detail van Elgin-Sauvignon Blanc is die zoute afdronk — wijnmakers noemen het zelf oyster shell salinity — die in warmere streken simpelweg niet ontstaat. Het maakt deze wijnen één van de meest herkenbare cool-climate-stijlen van Zuid-Afrika.