De DOP Montilla-Moriles ligt in Andalusië, ten zuiden van Córdoba, en telt ongeveer 5.000 hectare wijngaard rond de dorpen Montilla, Moriles en Aguilar de la Frontera. Het gebied is heet, droog en zonovergoten: zomertemperaturen boven de veertig graden zijn geen uitzondering. Wat het uniek maakt is de bodem: grote delen zijn bedekt met alberos of albariza: witte krijthoudende gronden die het regenwater van de milde winters vasthouden en langzaam vrijgeven tijdens de droge zomer. Diezelfde bodem vind je ook in de Sherry-driehoek verderop in Cádiz.
De DOP is bekend om zijn Pedro Ximénez, een witte druif die zowel in droge witte wijnen als in de wereldberoemde zoete añadas wordt verwerkt. Traditioneel worden de druiven voor de zoete versie na de oogst een aantal dagen in de zon gedroogd op strodakjes, waarna de gedroogde vrucht wordt geperst voor een viskeuze, donker mahonie-gekleurde wijn. Voor droge PX-versies gaan de druiven direct de kelder in, worden ze gevinifieerd op vers zuur, en soms rijpen ze onder de flor (een gistlaag) net als in Jerez.
Binnen de DOP bestaan verschillende sub-appellaties. Sierra de Montilla is de kalkrijkste en hoogst gelegen zone, met de oudste stokken en de meest ademend-frisse wijnen. Perceels-gebonden bottelingen zijn hier in opkomst, aangedreven door een generatie wijnmakers die de zoete traditie behoudt maar er droge, single-vineyard cuvées naast plaatst. Het Pago de Benavente hoort bij die zone.