De Pfalz is na Rheinhessen het op één na grootste wijngebied van Duitsland en geldt als het zonnigste — een uitloper van het Bovenrijnse warme microklimaat, beschut door het Pfälzerwald in het westen. De wijnstreek volgt de Deutsche Weinstraße in het noorden tot aan de Südliche Weinstraße in het zuiden, waar Maikammer ligt: een dorp pal onder de Kalmit, de hoogste top van het Pfälzerwald.
Weissburgunder — internationaal bekend als Pinot Blanc — voelt zich juist op deze hellingen thuis. Op kalk en löss geeft hij wijnen met een zachte zuurlijn, geel steenfruit en een fijne minerale ondertoon. De druif is genetisch verwant aan Chardonnay en Pinot Noir, maar levert in deze stijl een vriendelijker, minder dwingend glas dan zijn beroemde neven.
In Duitsland wordt Weissburgunder meestal trocken (droog) afgewerkt en in roestvrijstaal opgevoed, om de zuiverheid van het fruit voorop te zetten. Pfalz-versies hebben doorgaans iets meer body dan die uit Rheinhessen of Baden — dat komt door de extra zon en de warme bodems. Bij Faubel is dat goed te merken: een witte wijn met genoeg ronding voor de tafel, maar zonder de zwaarte van een Chardonnay uit hout.